Kampen2

KAMPEREILAND - De gemeente Kampen stelt een nieuwe aanpak voor Kampereiland voor, die de inkomenspositie van pachters op Kampereiland in de toekomst verbetert. In de nieuwe beleidsvisie ‘De Stadserven 2019-2028’ staan belangrijke maatregelen die de agrarische bedrijfsstructuur verbeteren en de grondmobiliteit weer op gang brengen. Pachters zijn daardoor beter in staat in te spelen op de markt.

In de afgelopen jaren is de economische en financiële positie van de melkveehouderij op het Kampereiland fors onder druk komen te staan. Uit onderzoek is gebleken dat de agrarische bedrijven op Kampereiland zeer sterk afhankelijk zijn van reguliere pacht. Een groot nadeel daarvan is dat pachters hun rechten bij bedrijfsbeëindiging moeilijk kunnen overdragen of kunnen verzilveren. Ook het opbouwen van een pensioenvoorziening is nadeliger in vergelijking met bedrijven die grond in eigendom hebben en profiteren van de grondwaardestijging. Dit was voor De Stadserven, die namens gemeente Kampen het Kampereiland beheert, aanleiding om een nieuwe beleidsvisie op te stellen. Wethouder Geert Meijering: “Ik ben blij met deze nieuwe visie en de voorgestelde maatregelen. Het versterkt de positie van de pachters van dit voor onze gemeente belangrijke stuk grondgebied. Deze visie geeft meer perspectief aan boeren die binnenkort willen stoppen. De grond die dan vrij komt biedt andere bedrijven de mogelijkheid om te groeien.”

Toekomstgericht maatwerk

Nadat de beleidsvisie eerder in de gemeenteraad is besproken, is de notitie nog eens goed tegen het licht gehouden. Dat gebeurde in samenspraak met alle betrokkenen, onder wie de Pachtersraad, de Jonge Boeren Kampereiland en deskundigen op het gebied van erfpacht. Ook heeft wethouder Meijering een bezoek gebracht aan diverse agrarische bedrijven op Kampereiland en met pachters gesproken over de beleidsvisie. De reacties die in deze gesprekken naar voren zijn gekomen, zijn waar mogelijk verwerkt in de aangescherpte beleidsvisie.

Het resultaat is een toekomstgericht beleidsstuk dat aansluit bij de  behoeften van de pachters. Het biedt maatwerk voor het nemen van belangrijke beslissingen over bedrijfsvoering. De aanpak bestaat uit verschillende maatregelen die de stagnerende grondmobiliteit van agrarische bedrijven vlot trekken en hun pachtafhankelijkheid  verminderen.

De maatregelen houden kort samengevat in:

  1. Onderlinge pachtoverdracht blijft mogelijk.
  2. Pachters die graag willen investeren in grond maar daar niet direct financiële middelen voor hebben, wordt een ingroeimodel geboden. De Stadserven koopt de pachtrechten dan op van de zittende pachter om ze vervolgens ‘door te geven’ aan de nieuwe erfpachter. Deze hoeft niet gelijk de koopprijs van de erfpacht te voldoen, want dat kan in termijnen. Speciaal voor bedrijfsopvolging door jonge boeren wordt dit ingroeimodel, in combinatie met de inkoopfaciliteit van de Stadserven, ook aangeboden bij ‘normale’ bedrijfsoverdrachten tussen ouder en kind.
  3. Om een actief structuurbeleid mogelijk te maken, is het nodig dat pachtbeleid wordt verbreed door de introductie van erfpacht (naast reguliere pacht). Er komt dus een gemengd pachtsysteem, waarbij gronden naar keuze van de individuele boer via reguliere pacht of als erfpacht kunnen worden uitgegeven. Pachters kunnen vrijwillig en kosteloos hun pachtrecht omzetten in een erfpachtrecht. Met balansversterking en vermogensopbouw voor de lange termijn, draagt erfpacht bij aan pensioenopbouw voor de pachter. Ook wordt zo de positie versterkt van verpachters die willen investeren.
  4. Naast deze maatregelen wil de Stadserven pachters ondersteunen die denken aan verbreding, verduurzaming en bedrijfsopvolging. Door hen bijvoorbeeld op deze terreinen te helpen bij het vinden van subsidies kan de Stadserven hen faciliteren in hun bedrijfsontwikkeling.

De herziene Beleidsvisie wordt door het College ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad.

 

Om een reactie te geven moet u ingelogd zijn op deze website.

Reacties mogelijk gemaakt door CComment' target='_blank'>CComment